|
Wie een peuter aan de borst heeft, zal het gevoel wel herkennen. 'Ik zou nu eindelijk wel eens op de bank willen ploffen zónder kind op schoot; áltijd als ik even lekker wil zitten wil hij wéér bij mij drinken.'. Op de dagen dat Janneke het daar 'moeilijk' mee heeft vraagt ze zich altijd af of dat gevoel nu echt iets met borstvoeding te maken heeft.
Bevestiging
Een peuter is aan het ontdekken dat hij zelf een persoontje is. Dat hij ja en nee kan zeggen. Dat hij daarmee zijn moeder tot wanhoop kan drijven. Maar diezelfde peuter heeft tegelijkertijd de bevestiging van zijn moeder nog zo ontzettend hard nodig.
En die bevestiging, die vindt hij bij mama op schoot. Voor een peuter is aan de borst drinken (nog) de ultieme manier van bij mama zijn is. Het is wel heel leuk om te weten dat je zelf iemand bent, dat je andere dingen kunt willen dan de grote mensen in je omgeving; maar het is tegelijk ook heel beangstigend. Mama is heel hard nodig om hem door die fase heen te helpen.
Ik heb dat zelf ook ervaren. Op een zeker moment zat ik óveral te voeden. De héle dag door wilde Niek (toen ruim anderhalf jaar) bij mij drinken. Om gek van te worden. Zodra ik ook maar íets probeerde te gaan doen, dan brulde hij 'diedie! En daar gingen we weer! Op een stoel, op een krukje, op de vloer van de badkamer, waar we ook maar waren. Ik voed tenslotte op verzoek, nietwaar? Dat is toch het beste? En ik wil mijn kind niet tekort doen.
Straks
Natuurlijk kwam er een dag dat ik het zat was. Méér dan zat. Toen ben ik een aantal dagen telkens als ik ging voeden gaan zitten, op de bank of op een stoel bij de eettafel. Als hij om 'diedie' vroeg, vertelde ik dat het best kon, maar dat we dan wel eerst lekker moesten gaan zitten.
Hij legde het verband eigenlijk vrij snel. Borstvoeding is niet iets wat je elke vijf minuten doet als je al zo groot bent, maar het is iets om even gezellig voor te gaan zitten.
Kleine anekdote: een dag of wat later waren we in een winkel waar toevallig een stoel stond, die sleepte hij naar me toe, keek me enthousiast aan: 'diedie!'
Inmiddels is hij in staat om eventjes te wachten. Niet zo heel lang, en met heel concrete richtlijnen, maar het gaat wel:
- als mama haar bord heeft leeg gegeten
- als mama klaar is met de afwasmachine leeg maken
- als mama klaar is met aankleden
dán gaan we even gezellig zitten en dan kan hij bij mama drinken.
Een peuter is nog op een leeftijd dat hij sommige dingen accepteert 'omdat ze nu eenmaal zo zijn'. Daar maak ik gebruik van. Als ik wil dat hij eventjes wacht, dan zeg ik op een toon van 'zo is het nu eenmaal' dat hij even moet wachten.
"Mama heeft haar bord nog niet leeg he? Nee, eerst moet mama het bord leeg eten, en dán kan je lekker bij mama drinken".
Soms gaat hij iets anders doen, soms blijft hij braaf naast mij staan wachten. Maar in alle gevallen bied ik hem duidelijk en hartelijk de borst aan als het moment daar is. Hij moet er zeker van kunnen zijn dat ik mijn belofte houd.
"Kijk, mama heeft haar bord leeg, wil je nu bij mama drinken?"
Commando
Soms wordt Niek heel boos als ik zeg dat hij even moet wachten tot ik klaar bent met een karweitje. Dat is zijn goed recht. Hij zal ook wel eens boos worden als hij niet buiten mag gaan spelen, of niet in bad mag. Of als ik niet acuut de parasol opzet als hij die toevallig ziet staan in de schuur.
Ik accepteer zijn boos-zijn, maar wijs hem daar niet om af. Ik maak wel duidelijk dat boos worden niet betekent dat het tóch mag. Of het nu om borstvoeding of om de parasol gaat. Ik voed op verzoek, niet op commando.
Het is ook wel moeilijk. Als kleine baby was hij volledig afhankelijk van mij, en er zal een tijd komen dat ik alleen nog maar op de achtergrond in zijn leven aanwezig bent.
Ik ben onderweg, en moet me steeds weer aanpassen. Het is niet altijd gemakkelijk in te schatten wanneer Niek echt behoefte heeft aan de borst, en wanneer het 'als-ik-nu-mijn-zin-niet-krijg-dan-wil-ik-borst-want-dan-heb-ik-je-toch' is. Vaak zit het er ergens tussenin. Niek weet het ook allemaal nog niet. Er komt zo ontzettend veel op hem af. Hij voelt zich soms zo groot, maar hij is nog zo klein.
Borstvoeding gaat twee kanten op. Ik probeer ergens een evenwicht te vinden waar we ons allebei goed bij voelen. En dat evenwicht verschuift voortdurend, dat maakt het soms zo moeilijk.
Nog wat tips
Als je moeite hebt met het drinkgedrag van je peuter is het wellicht een idee om een aantal vaste plaatsen aan te wijzen voor de borstvoeding. En als de schommelstoel die plaats is, dan niet meer op de bank voeden, maar uitsluitend in de schommelstoel. Zo rond de tijd dat een peuter ontdekt dat hij zelf iemand is, is hij ook groot genoeg om het verband tussen die stoel en het drinken bij mama te leren. Tot het een gewoonte geworden is, en hij er op de bank niet eens meer naar vraagt.
Stevige basis
Het ligt niet aan de borstvoeding, dat een peuter zo veel bij mama wil zijn. Het is een periode in zijn leven waarin hij de bevestiging van zijn moeder heel hard nodig heeft. De meest natuurlijke en doeltreffende manier om die bevestiging te geven, is door hem borstvoeding te geven op de momenten dat hij daar behoefte aan heeft.
Als je op dit moment niet tevreden bent hoe het gaat, overdenk dan eens hoe het nu gaat, en hoe het anders zou kunnen. Waarschijnlijk is het niet van de een op de andere dag voor elkaar, maar het is belangrijk dat de borstvoedingsrelatie voor allebei prettig is. Het is meer dan de moeite waard om daar tijd en energie in te steken.
Op het moment dat jij én je peuter er plezier in hebben krijg je nog vele mooie momenten. Je zult er met plezier aan terug denken; en je legt een stevige basis voor de komende jaren.
Janneke
|