| Inentingen en borstvoeding |
Inenting van de baby
Moedermelk bevat belangrijke antistoffen die baby’s een zekere mate van bescherming bieden tegen allerlei infectieziekten. Baby’s die borstvoeding krijgen lopen daardoor minder risico op ernstige infectieziekten. Dit betekent echter niet dat het geven van borstvoeding baby’s altijd en geheel beschermt tegen ziekten. Daarom is het aan te bevelen om ook borstgevoede baby’s te laten inenten, volgens het in Nederland (door het Ministerie van Volksgezondheid) opgestelde inentingschema. Uit onderzoek is bovendien gebleken dat borstgevoede kinderen die zijn inge-ent tegen ziekten, een betere weerstand opbouwen dan kinderen die niet met moedermelk worden gevoed. Inenting van de moederVaccins (inentingen) tegen de volgende ziekten kunnen zonder bezwaar aan borstvoedende moeders worden toegediend: bof, cholera, difterie, gele koorts, influenza, hepatitis B, rabiës, mazelen, polio, paratyfus, kinkhoest, rhesus-antagonisme, rode hond, tetanus, tyfus, waterpokken. Inenten tegen pokken wordt in de regel afgeraden aan moeders van kinderen jonger dan 1 jaar, ongeacht de voeding die de kinderen krijgen. |




